Het benutten van gedragswetenschappelijke kennis moet binnen 10 jaar systematisch en structureel verankerd zijn in het beleid, de uitvoering, het toezicht en de communicatie binnen de Rijksoverheid. Daarvoor is tijdens de kenniskamer “Beter benutten van gedragswetenschappelijke kennis” op 9 september 2025 het startschot gegeven. In deze interviewreeks gaan we in gesprek met enkele ambtelijke leiders die zich hiervoor hard maken, te beginnen bij Sandor Gaastra, secretaris-generaal van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) en gastheer van de kenniskamer.
Sandor, is er een bepaald gedragsinzicht dat je herkent in jouw privéleven en/of werk?
"Ja, dat is bijvoorbeeld een zekere behoefte aan vertrouwdheid, status quo. Zo ga ik voor bepaalde spullen altijd naar dezelfde winkel. Dat doe ik niet omdat ik zeker weet dat die winkel de beste spullen verkoopt. Het is een bepaalde gehechtheid of gewenning. Je houdt eraan vast zonder dat je het nog verder onderzoekt.
Dat zie ik ook in het werk. We zijn vaak laat of soms zelfs wel eens te laat in het aanpassen van ons gedrag. Dan doen zich negatieve ontwikkelingen voor en steken we onze kop in het zand in de hoop dat het weer overwaait. Zo hadden we in de aanloop naar het Oekraïne conflict de neiging om te ontkennen dat we een groot risico liepen met onze eenzijdige en grote afhankelijkheid van Russisch gas, en te lang hebben gewacht met mitigerende maatregelen.
Eerder heb ik dat ook in mijn rol als DG Energie en Klimaat gezien. Dus dat we geneigd zijn om maatregelen langer uit te stellen om tal van redenen. Als we dan toch besluiten om iets te doen, blijken de kosten van dat ingrijpen maatschappelijk of financieel veel hoger te zijn dan wanneer we ons gedrag tijdig hadden aangepast."
Kun je ook voorbeelden noemen waarin juist het verschil is gemaakt door kennis van gedrag te benutten? En hoe?
"Ja, door met gedragsdeskundigen te onderzoeken hoe mensen gaan reageren op beleid kun je het beleidsinstrumentarium beter maken. Daar heb ik in mijn eigen beleidspraktijk voorbeelden van gezien, zoals bij maatregelen voor energiebesparing of het verduurzamen van je woning.
Wat ik ook heel aansprekend vind, zijn samen met gedragsexperts ontwikkelde maatregelen voor mensen die aangewezen zijn op sociale voorzieningen van de overheid. Daarin zie je bijvoorbeeld dat het enorm uitmaakt hoe je die presenteert. Zoals de rekentool van DUO voor de studiefinanciering. Hierin geven we de student direct bij de aanvraag al inzicht in wat de eindschuld wordt, wat helpt om bewuster of zelfs minder te lenen.
In het rapport van Will Tiemeijer van de WRR, ‘Tien jaar na ‘Met kennis van gedrag beleid maken’ Hoe nu verder?’, staan ook mooie voorbeelden, zoals uit het sociaal domein. Niet alle burgers zijn even bureaucratisch vaardig of geletterd, terwijl er wel een sterke afhankelijkheid van die overheid kan bestaan. Daar moeten we ons rekenschap van geven; het doenvermogen van de burger én de doenlijkheid van de overheid.’
Wat is volgens jou de noodzaak voor het structureel verankeren van gedragskennis binnen de rijksoverheid?
‘Wanneer we beleid maken, dan toetsen we dat op rechtmatigheid én doelmatigheid; bereiken we met een bepaald beleidsinstrument daadwerkelijk het gewenste doel? Om een voorbeeld te geven, we hebben regelingen voor het midden en kleinbedrijf, waar uiteindelijk maar een heel klein percentage gebruik van maakt. En hoe komt dat nou? Omdat we stelselmatig onderschatten dat een ondernemer iedere keer een eigen afweging maakt. ‘Ga ik nou beginnen aan die papierwinkel of niet?’ Het gedrag van die ondernemer wordt door een heleboel andere factoren bepaald dan dat ene innovatiedoel of verduurzamingsdoel dat wij voor ogen hebben.
Dit voorbeeld gaat over het ontvangen of verkrijgen van een subsidie, maar bijvoorbeeld bij JenV over het stellen van een bepaalde norm. Je kan een norm stellen en je kan met gedragswetenschappelijke kennis onderzoeken of mensen zich wel of niet aan die norm gaan houden. Dus mijn oproep is zoals vorig jaar tijdens de aftrap van de rijksbrede bijeenkomst, betrek naast juristen en economen ook gedragsexperts bij het maken van beleid, omdat het uiteindelijke gedrag van burgers en bedrijven bepalend is voor de impact van ons beleid."
Wat zie jij als jouw rol als ambtelijk leider in het verankeringsproces van gedragskennis binnen de rijksoverheid?
"Als SG van het ministerie van EZK en gastheer van het bij ons gehuisveste rijksbrede gedragsnetwerk, Behavioural Insights Netwerk Nederland (BIN NL), zie ik daarin een dubbelrol. In de eerste plaats passen we in eigen huis gedragskennis daadwerkelijk toe binnen de beleidsdomeinen waarvoor we verantwoordelijk zijn. Daar gaf ik net al enkele voorbeelden van: wat kunnen burgers en bedrijven besparen op het gebied van energie? Hoe kunnen we MKB’ers helpen op allerlei terreinen?
Daarnaast vervullen we een stimulerende rol binnen het BIN NL, waarin alle gedragsteams samenwerken. Doel is om onderling en juist ook rijksbreed gedragsinzichten uit te wisselen en gezamenlijk te werken aan beter overheidsbeleid. Zo kunnen publieke dienstverleners en toezichthouders signaleren wanneer beleid en voorzieningen te weinig rekening houden met gedrag."
Wat zijn volgens jou de belangrijkste vervolgstappen voor de rijksoverheid op het gebied van gedragskennis? Waar hoop je op?
"Waar ik op hoop, is dat er straks overal gedragsteams zijn en dat gedragskennis binnen ieder departement, publieke dienstverlener en toezichthouder een gezicht heeft gekregen. Daarmee hoop ik dat de BIN NL-community straks echt alle overheidsorganisaties met elkaar verbindt. Dat wil ik eind van dit jaar binnen het SGO bespreken en ook toetsen. Waar staan de verschillende organisaties? Wat gaat er al goed? En wat kan er beter? Waar bestaat er behoefte aan hulp en hoe kunnen we elkaar daarbij helpen?
Aan het einde van dit jaar hoop ik dat we tot een rijksdekkend stelsel van gedragskennis zijn gekomen. Het ankerpunt voor dit alles is het beleidskompas. Gedragskennis is net zoals economische kennis, juridische kennis, financiële kennis en inhoudelijke beleidskennis, een deskundigheid die je nodig hebt bij het ontwerpen, uitvoeren en handhaven van goed beleid. Je moet die kennis ook in je organisatie borgen. Hoe? Dat kan van organisatie tot organisatie wisselen."
Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer over cookies in onze cookieverklaring.
Deze cookies verzamelen nooit persoonsgegevens en zijn noodzakelijk voor het functioneren van de website.
Deze cookies verzamelen gegevens zodat we inzicht krijgen in het gebruik en deze website verder kunnen verbeteren.
Deze cookies worden gebruikt om statistieken te meten over het gebruik van de website (bijvoorbeeld via Google Analytics, Siteimprove of Matomo) en voor externe videodiensten zoals YouTube of Vimeo. Hiervoor maken wij gebruik van diensten van derde partijen. Deze cookies worden alleen geplaatst na jouw toestemming.
Jouw keuze aanpassen? Dat kan op elk moment via de cookie-instellingen in de footer.